Het is bijna zover: de vasten. Vandaag de dag staat die periode echter bekend onder een andere naam: de “Dagen Zonder Vlees”. Veertig dagen welteverstaan. Laten we onszelf geen illusies meer maken en doen alsof we dit nog steeds doen vanuit religieuze motieven (hoewel dat voor sommigen misschien wel nog kan zijn, #nuance), maar dat wil niet zeggen dat we nu een minder heilig doel hanteren: het klimaat. Hoewel ik het bestaan van God niet wil ontkennen (noch bevestigen), zijn er voor ons leefmilieu heel wat meer aantoonbare bewijzen en misschien daarom ook meer redenen ervoor te vechten. Laten we dus allemaal een vleesloos leven omarmen.

Zelf vegetarisch zijnde, is dat voor mij misschien makkelijker gezegd dan gedaan. Ik vind vlees namelijk vies (en ik zal het ook steeds met die kinderlijke bewoording zeggen). Toch ken ik ook heel wat vegetariërs die hun overheerlijke vleesmaaltijden just for the greater good hebben opgeofferd. Want ja, dierenleed. Opwarming van de aarde. Etcetera. Ik ben helemaal voor dit greater good. Stilaan komt het besef, zelfs bij de grootste carnivoren en vleesfanaten, dat vlees eten niet altijd zo goed is als het op het eerste zicht (of op de eerste smaak) lijkt. 46 % van ons watergebruik wordt besteed aan het verbouwen van dierlijke producten. Dat is bijna de helft, gewoon om een biefstuk of een stuk kaas te eten. Vlees vereist daarbij 100 keer meer watergebruik dan plantaardig voedsel. Dan hebben we het nog niet gehad over het onnoemelijke leed dat dieren ondergaan in de vleesindustrie (ik verwijs jullie graag door naar “Eating Animals” van Jonathan Safran Foer). Dieren stoten veel meer broeikasgassen uit en zijn dus minder goed voor het klimaat, de soja die geproduceerd wordt om de dieren vet te mesten is een belangrijke oorzaak voor de ontbossing van bepaalde gebieden, een dier heeft meer plaats nodig om te leven en brengt in praktijk minder vlees op dan wanneer een veld met groenten bezaaid zou worden. Etcetera. Op die manier is het “zaaien” en “oogsten” van dieren (ja, zaaien en oogsten – het gaat hier om een industrie) dus niet zo ecologisch of gezond als je zou denken.

“Eating Animals” van beschrijft dit alles op zo’n rake manier dat je er automatisch vegetarisch van wordt (dat was bij mij immers het geval). Een korte zoektocht op het internet kan je daarnaast nog veel meer (en betere) informatie geven dan hierboven of in de links vermeld wordt. In een bepaald opzicht is dit dus een pleidooi to stop eating animals. Maar ook wil ik een pleidooi houden voor de planten. We hebben een “Eating Animals”, maar waarom geen “Eating Plants”? Natuurlijk, planten eten is beter voor het milieu, ze voelen niets en daarom kunnen we zonder scrupules van hen gebruik maken. Toch?

Als we stoppen met dierlijke producten eten, mogen we onszelf even op de schouder kloppen, maar moeten we ook beseffen dat we dan wel degelijk ook soja eten die voor ontbossing zorgt. Dan moeten we ook inzien dat we inderdaad geen dieren meer objectiveren of commercialiseren, maar dat we dat hoe dan ook wel met planten doen. Ik vind dat, persoonlijk, nogal hypocriet. We kunnen blijven doorgaan over hoe dieren geen toestemming geven voor het gebruik van hun vlees, potentieel nageslacht en moedermelk, maar hoe zit dat met planten? Ik heb nog nooit een plant “pluk mij, pluk mij” horen zeggen. Aah nee, want ze kunnen niet praten. Maar maken we evengoed geen misbruik van planten door hen te zaaien en te oogsten, net zoals de vleesindustrie dieren zaait en oogst?  Natuurlijk, we moeten iets eten om te overleven, en bij voorkeur planten.  Maar we kunnen niet hypocriet staan doen over hoe we dieren misbruiken en industrialiseren, als we hetzelfde doen met planten. Planten zijn ook levende wezens. Het is jammer voor hen dat ze niet even schattig zijn als dieren, want niemand komt voor hen op.

Laat ik dan voorvechtster der planten worden, met het risico dat ik word afgedaan als een vegetarische bomenknuffelaarster die nooit serieus genomen zal worden (ook vanwege de ietwat ironische ondertoon van dit stuk). Begrijp mij niet verkeerd: we moeten eten om te overleven. Vlees is geen optie meer, niet in deze geïndustrialiseerde vorm, niet in deze periode van klimaatcrisis. Maar wij vegetariërs, veganisten, flexitariërs and the like moeten ook aandacht hebben voor het feit dat, hoewel de groenten- en fruitindustrie dan wel ecologischer mag zijn, het even goed een industrie is. Al wie het heeft over het misbruik van dieren, over de onethische hiërarchie van de mens boven de andere levende wezens, moet even goed kijken naar de manier waarop we met planten omgaan. Als we ethisch moeten omgaan met dieren, moeten we dat ook doen met planten. Want als een dier evenveel waard is als een mens (en dat is het ook), is een plant evenveel waard als een dier.

 

 

 

Advertisements